Wat te doen als plotseling je man komt te overlijden. Naast alle plots opkomende emoties is dat bijna wel de tweede vraag die in je opkomt. Het overkwam mij in januari 2015. Mijn man zou een stukje gaan fietsen en kwam nooit meer thuis. De volgende dag kreeg ik een lief mailtje van een vriendin die mij naast alle sterkte wensingen ook vertelde dat zij een kennis had die in uitvaart deed “echt een iemand voor jou, niet zo kil en afstandelijk”.

Ik belde voor een afspraak en diezelfde middag zat Michel de Haan bij me thuis op de bank. Michel leek me meteen al een toegankelijke en zeer gepassioneerde man. We maakten grapjes en toch hadden we binnen no time van elkaar in de gaten dat ik geen gewone uitvaart wou. Enthousiast wapperde hij met zijn telefoon om de allernieuwste auto te laten zien en hij schreef op welke muziek ik graag wou horen. Hij regelde dat mijn man naar een plek ging waar ik zelf de sleutel van kreeg zodat ik hem tot de uitvaart dag en nacht zelf kon komen bezoeken en de dagen erna hielden we gewoon via Whatsapp-contact met elkaar. Er werd een plek en tijd gereserveerd bij IJsselhof en werkelijk waar alles werd er aan gedaan om het zo te maken zoals ik het in mijn hoofd had. Voor de nogal bombastische muziek een speciale muziek installatie en alles werd er aan gedaan om de nieuwe auto zo snel mogelijk goed te laten keuren door de RDW. Dagen later kreeg ik bij daglicht een rondleiding door het gebouw. Alle personeelsleden van IJsselhof bleken mijn naam te weten en waren zeer beleefd. De helft heb ik niet mee gekregen. Mijn hoofd stond er niet naar. Hoe fijn was het dat er iemand was die voor en met mij kon denken wat het beste was om er uit te halen.

De avond van de uitvaart was prachtig. Het miezerde licht, het was donker en kil en we werden opgehaald met DE auto om naar IJsselhof te gaan. Mijn familie hielp om de kist achter in de auto te leggen. Prachtig notenhout en twee verlichte engeltjes bogen over hem neer. De grote matzwarte auto pruttelde vriendelijk. Hij was zo mooi en het chroom van de verlaagde opstap glom zo mooi dat ik bang was om met mijn hakken krassen er in te maken. De chauffeur opende de ‘suicidedoor’ en daar zat ik. De laatste rit die ik ooit met mijn man zou hebben. De oprijlaan van IJsselhof was prachtig versierd met fakkels en hier en daar stonden schalen met brandende houtblokken. Het kleine kapelletje, zacht verlicht en hier en daar een kaarsje stond er prachtig bij zo in het donker. Ik kon nog even alleen zijn bij mijn man terwijl de geluidsman nog even voor mij ging testen of ik de muziek wel hard genoeg vond. Geluidsboxen die tot aan m’n heup kwamen stonden in elke hoek van de kapel en kabels zo dik als m’n armen liepen langs de zijkant. De muziek was goed. Het was geweldig. Het was overdonderend goed en helder. Ik boog over de kist en zag mijn man liggen. Een tevreden glimlachje hing aan z’n mondhoeken. Ik lachte lief terug.

De zaal ging open en ik zat al vooraan. Tegelijkertijd ging de muziek aan. Ik wou alleen zitten en iedereen snapte dat. Het leek Michel een goed idee om te beginnen met de ‘hardste’ muziek dus begon Muse met Starlight. Michel ging daarna even wat dingen vertellen maar dat wat me het beste is bijgebleven is dat hij zich verontschuldigde dat de muziek niet nog harder kon omdat anders de ramen uit de kapel geblazen zouden worden. Er na kwam Metallica met One en een hele lange toespraak van m’n man z’n broertje. Daarna nog Rammstein en Michel die een prachtig stuk voorlas van Time van Pink Floyd. Als tranen trekkend afscheidslied had ik ‘Alan Parsons Project – Old And Wise’ precies zoals hoe m’n man het zou willen.

De gasten werden naar een aula gebracht alwaar ze koffie, thee en chocoladerepen kregen en ik ging met naaste familie de baar waarop de kist lag naar het crematorium brengen. De lange licht gebogen laan met oude knoestige bomen was prachtig verlicht in het donker en ook hier stonden om de zoveel meter fakkels. Het schemerige licht van het crematiegebouw kwam steeds dichterbij en bij de deur mochten alleen mijn man, een goede vriendin die alles fotografeerde en Michel mee naar binnen. Het was er bloedheet.

Er stonden twee keurige mannen die nog wat formele dingen aan het uitleggen waren. Het ging compleet langs me heen. De kist werd van de baar afgetakeld en kwam op een plateau met katrollen. We moesten afstand houden en zo deden we. Het luik van de oven ging open en een witgloeiende ovenmond staarde ons aan. Allen deden we nog een stap naar achter door de hitte die uit de oven op ons af kwam. Ik moest als eerste aan een pizzaoven denken en daarna aan een geinig liedje over vuur. Ik zag de vlammen nog net om zich heen grijpen en dansen op de kist voor het luikje dicht ging. Ik voelde me zo goed. Ik mocht in tegenstelling tot wat ik altijd had gelezen en dichtbij had gezien overal bij zijn. Van het begin tot aan het allerlaatste eind.

Eliza

Eliza